mp:VDraft Testen Kickstart SIT: verschil tussen versies

Uit informatiestandaarden
Ga naar: navigatie, zoeken
(Exit Criteria)
(Werkwijze)
 
(5 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 9: Regel 9:
 
Tijdens de Systeem Integratietest (SIT) test de leverancier het ontwikkelde product zelfstandig tegen simulatoren, waarbij gebruik wordt gemaakt van de LSP-infrastructuur.
 
Tijdens de Systeem Integratietest (SIT) test de leverancier het ontwikkelde product zelfstandig tegen simulatoren, waarbij gebruik wordt gemaakt van de LSP-infrastructuur.
  
Het doel is om te verifiëren dat het product gereed is voor de ketentest. Daarom wordt getest op zowel de inhoud van de berichten als de berichtenuitwisseling via het LSP.
+
Het doel is te verifiëren dat het product gereed is voor de ketentest. Daarom wordt zowel de inhoud van de berichten als de berichtenuitwisseling via het LSP getest.
  
 
Voor deze testfase maakt de leverancier gebruik van tests in Interoplab.
 
Voor deze testfase maakt de leverancier gebruik van tests in Interoplab.
Regel 18: Regel 18:
  
 
Tijdens deze fase wordt aangetoond dat:
 
Tijdens deze fase wordt aangetoond dat:
* De informatiestandaard correct is geïmplementeerd (de berichten zijn inhoudelijk correct).
+
* Implementatie informatiestandaard - de informatiestandaard correct is geïmplementeerd (de berichten zijn inhoudelijk correct).
* De berichtenuitwisseling via het LSP correct verloopt.
+
* Mutatie bouwstenen - bouwstenen correct worden gemuteerd door beschikbaarstellende leveranciers.
 +
* Berichtenuitwisseling LSP - de berichtenuitwisseling via het LSP correct verloopt.
  
 
==Voorbereiding==
 
==Voorbereiding==
Om te kunnen testen tijdens de SIT-fase is het noodzakelijk dat is voldaan aan onderstaande entry criteria en voorbereidende acties.
+
Voor deelname aan de SIT‑fase moet aan onderstaande entry criteria en voorbereidende acties zijn voldaan.
  
 
===Entry Criteria===
 
===Entry Criteria===
 
'''Leverancier:'''
 
'''Leverancier:'''
* De leverancier heeft de Ontwikkelfase succesvol afgerond: er is vanuit het validatieloket een Go om door te gaan naar de SIT.
+
* De Ontwikkelfase is succesvol afgerond en het validatieloket heeft een Go afgegeven voor doorgang naar de SIT.
 
* De leverancier is succesvol aangesloten aan de PoC+ omgeving.
 
* De leverancier is succesvol aangesloten aan de PoC+ omgeving.
 
* Heeft toegang tot de testscripts in Interoplab (Toelichting [https://informatiestandaarden.nictiz.nl/wiki/mp:Draft_Testtooling#Interoplab  Interoplab]).
 
* Heeft toegang tot de testscripts in Interoplab (Toelichting [https://informatiestandaarden.nictiz.nl/wiki/mp:Draft_Testtooling#Interoplab  Interoplab]).
Regel 48: Regel 49:
 
===Werkwijze===
 
===Werkwijze===
  
De leverancier voert de relevante Interoplab-testscripts uit.<br>
+
* De leverancier voert de relevante Interoplab‑testscripts uit.
Deze worden vervolgens beoordeeld door het validatieloket.
+
* De resultaten worden beoordeeld door het validatieloket.
  
* Voor verstuurde berichten (versturen/beschikbaar stellen) vindt de toetsing plaats met behulp van simulatoren. Hiermee wordt aangetoond dat de berichten inhoudelijk correct zijn.
+
====Verstuurde berichten (versturen/beschikbaar stellen)==== 
* Voor ontvangen berichten (ontvangen/raadplegen) worden schermafbeeldingen geüpload. Hiermee wordt aangetoond dat de berichten correct zijn verwerkt en weergegeven in een basale gebruikersinterface.
+
De toetsing vindt plaats met behulp van simulatoren. Hiermee wordt aangetoond dat de berichten inhoudelijk correct zijn.
  
De leverancier informeert het validatieloket, zodra alle van toepassing zijnde testscripts succesvol zijn uitgevoerd.<br>
+
====Ontvangen berichten (ontvangen/raadplegen)====
Het validatieloket organiseert vervolgens een check-upmoment, waarin de testresultaten worden doorgenomen.<br>
+
De leverancier uploadt schermafbeeldingen waaruit blijkt dat de berichten correct zijn verwerkt en weergegeven in een basale gebruikersinterface.
Wanneer aan de exitcriteria is voldaan, geeft het validatieloket een 'go' om door te gaan naar de ketentest.
+
 
 +
* De leverancier informeert het validatieloket, zodra alle van toepassing zijnde testscripts succesvol zijn uitgevoerd.
 +
* Het validatieloket organiseert vervolgens een check-upmoment waarin de testresultaten worden besproken.
 +
* Wanneer aan de exitcriteria is voldaan, geeft het validatieloket een Go voor doorgang naar de ketentest.
  
 
===Exit Criteria===
 
===Exit Criteria===
Regel 105: Regel 109:
  
 
===Raadplegen door XIS===
 
===Raadplegen door XIS===
 +
* Raadpleeg de in het testscript genoemde testpatiënt
  
 
==Scenario's==
 
==Scenario's==

Huidige versie van 17 jun 2026 om 16:31


Naar nictiz.nl

1 Inleiding

Tijdens de Systeem Integratietest (SIT) test de leverancier het ontwikkelde product zelfstandig tegen simulatoren, waarbij gebruik wordt gemaakt van de LSP-infrastructuur.

Het doel is te verifiëren dat het product gereed is voor de ketentest. Daarom wordt zowel de inhoud van de berichten als de berichtenuitwisseling via het LSP getest.

Voor deze testfase maakt de leverancier gebruik van tests in Interoplab.

2 Testplan

2.1 Testdoel

Tijdens deze fase wordt aangetoond dat:

  • Implementatie informatiestandaard - de informatiestandaard correct is geïmplementeerd (de berichten zijn inhoudelijk correct).
  • Mutatie bouwstenen - bouwstenen correct worden gemuteerd door beschikbaarstellende leveranciers.
  • Berichtenuitwisseling LSP - de berichtenuitwisseling via het LSP correct verloopt.

2.2 Voorbereiding

Voor deelname aan de SIT‑fase moet aan onderstaande entry criteria en voorbereidende acties zijn voldaan.

2.2.1 Entry Criteria

Leverancier:

  • De Ontwikkelfase is succesvol afgerond en het validatieloket heeft een Go afgegeven voor doorgang naar de SIT.
  • De leverancier is succesvol aangesloten aan de PoC+ omgeving.
  • Heeft toegang tot de testscripts in Interoplab (Toelichting Interoplab).

Programma Medicatieoverdracht:

  • De testscripts zijn gereed en ingericht in Interoplab.
  • De juiste TKID's zijn succesvol gekoppeld aan de testomgeving.

2.2.2 Testomgevingen

VZVZ
Voor de SIT is de PoC+ omgeving beschikbaar. Deze kan enkel benaderd worden met authenticatie.

Zodra er met authenticatie gewerkt wordt kan dat met UZI-testmiddelen. Dit is bedoeld om programma’s te ondersteunen bij het ontwikkelen van nieuwe functionaliteit en/of Zorgtoepassingen, ter voorbereiding op een nieuwe standaard.

Informatie m.b.t. IP-adressen is te vinden bij Tooling & omgevingen.

2.3 Afronding

2.3.1 Werkwijze

  • De leverancier voert de relevante Interoplab‑testscripts uit.
  • De resultaten worden beoordeeld door het validatieloket.

2.3.1.1 Verstuurde berichten (versturen/beschikbaar stellen)

De toetsing vindt plaats met behulp van simulatoren. Hiermee wordt aangetoond dat de berichten inhoudelijk correct zijn.

2.3.1.2 Ontvangen berichten (ontvangen/raadplegen)

De leverancier uploadt schermafbeeldingen waaruit blijkt dat de berichten correct zijn verwerkt en weergegeven in een basale gebruikersinterface.

  • De leverancier informeert het validatieloket, zodra alle van toepassing zijnde testscripts succesvol zijn uitgevoerd.
  • Het validatieloket organiseert vervolgens een check-upmoment waarin de testresultaten worden besproken.
  • Wanneer aan de exitcriteria is voldaan, geeft het validatieloket een Go voor doorgang naar de ketentest.

2.3.2 Exit Criteria

  1. De leverancier heeft de in Interoplab vastgelegde testscripts voor de relevante transacties succesvol uitgevoerd en toont daarmee aan dat:
    1. de transacties inhoudelijk correct zijn,
    2. de bouwstenen correct worden gemuteerd door beschikbaarstellende leveranciers en
    3. de berichtenuitwisseling via het LSP correct verloopt.
  2. De aanwezige bevindingen zijn niet blokkerend.

2.3.3 Bevindingen

De testresultaten worden beoordeeld door het validatieloket, zowel voorafgaand aan als tijdens het check-upmoment. Hieruit kunnen testbevindingen voortkomen. Deze worden geclassificeerd als:

Type bevindingen
Bij de bevinding wordt altijd aangegeven wat het oordeel is. Er zijn vijf mogelijkheden (zoals ook vastgesteld in paragraaf 3.2 van de gebruikershandleiding BITS):

  1. Blokkerend: Een blokkerende bevinding moet worden opgelost om de validatie te behalen.
  2. Niet Blokkerend met aantekening: De niet blokkerende bevinding met aantekening moeten in de toekomst opgelost worden (waarbij bij afgifte van de validatie afgestemd wordt op welke termijn dat exact is).
  3. Niet Blokkerend: Niet blokkerend betekend dat de bevinding niet van toepassing is op de validatie (doordat bijvoorbeeld een element ook niet binnen komt en daardoor niet getoond kan worden).
  4. Toelichting vereist: Toelichting vereist betekend dat de bevinding nader toegelicht moet worden, waarbij deze na de toelichting alsnog blokkerend zou kunnen worden.
  5. Advies: Advies betekend dat er een advies gegeven wordt op de gekozen oplossing vanuit het validatieloket.


Indien een bevinding resulteert in een wijziging, wordt deze opgenomen in het reguliere wijzigingsproces van het programma.

Vragen die tijdens het testen ontstaan, kunnen als reguliere tickets worden ingediend in het BITS-project van de leverancier.

3 Testuitvoering

3.1 Testaanpak

De SIT wordt uitgevoerd met behulp van Interoplab testscripts.
Log in op de Interoplab-usecase Medicatieoverdracht en navigeer naar de tegel SIT.

Voor onderstaande transactietypen zijn testscripts beschikbaar. Hierbij wordt getest tegen simulatoren.

3.1.1 Sturen door XIS

  • Stuur het bericht naar applicatie-ID 8000020 (hierop volgt een ontvangstbevestiging).
  • Valideer het verstuurde bericht via de Interoplab Proxy.
  • Voeg het validatieresultaat toe aan het testscript.

3.1.2 Ontvangen door XIS

  • Navigeer naar de tegel 'Parasoft' en voer onderstaande velden in.
    • Testcase: de testcase zoals vermeld in het testscript.
    • Receiver ID: de applicatie-ID van je testsysteem.
    • BSN: het BSN zoals vermeld in het testscript.
  • Klik op 'Send Job'.
  • Toon aan dat het bericht correct is ontvangen.

3.1.3 Beschikbaar stellen door XIS

  • Navigeer naar de tegel 'Parasoft' , selecteer 'Resolve Job' en voer onderstaande velden in.
    • Testcase: de testcase zoals vermeld in het testscript.
    • Receiver ID: de applicatie-ID van je testsysteem.
    • BSN: het BSN zoals vermeld in het testscript.
  • Klik op 'Resolve Job'.
  • Valideer het beschikbaar gestelde bericht via de Interoplab Proxy.
  • Voeg het validatieresultaat toe aan het testscript.

3.1.4 Raadplegen door XIS

  • Raadpleeg de in het testscript genoemde testpatiënt

3.2 Scenario's

3.2.1 Stap 3

3.2.1.1 Voorschrift

3.2.1.1.1 Sturen
3.2.1.1.2 Ontvangen

3.2.1.2 MA

3.2.1.2.1 Raadplegen
3.2.1.2.2 Beschikbaar stellen
3.2.1.2.3 Mutaties

3.2.1.3 WDS

3.2.1.3.1 Raadplegen
3.2.1.3.2 Beschikbaar stellen
3.2.1.3.3 Mutaties

3.2.2 Stap 4

3.2.2.1 MGB

3.2.2.1.1 Raadplegen
3.2.2.1.2 Beschikbaar stellen
3.2.2.1.3 Mutaties

3.2.3 Stap 5

3.2.3.1 Afhandelen voorschrift

3.2.3.1.1 Sturen
3.2.3.1.2 Ontvangen

3.2.3.2 TA

3.2.3.2.1 Raadplegen
3.2.3.2.2 Beschikbaar stellen
3.2.3.2.3 Mutaties

3.2.3.3 MVE

3.2.3.3.1 Raadplegen
3.2.3.3.2 Beschikbaar stellen

3.2.4 Stap 6

3.2.4.1 MTD

3.2.4.1.1 Raadplegen
3.2.4.1.2 Beschikbaar stellen
3.2.4.1.3 Mutaties

4 PAGINAHISTORIE

Datum Omschrijving
12 juni 2026 Exit criteria bijgewerkt (Muteren bouwstenen)
24 maart 2026

Draft pagina aangemaakt