Ontwerp Acute Zorg V1.0

Uit informatiestandaarden
Ga naar: navigatie, zoeken

Inleiding

Doelstelling

Doelstelling van het programma e-Spoed is het verbeteren van informatievoorziening binnen de acute zorgketen. Door het beschikbaar maken van noodzakelijke medische gegevens van patiënten, zoals chronische aandoeningen, medicijngebruik en allergieën kan de kwaliteit, efficiëntie en effectiviteit van de acute zorg structureel worden verhoogd. Indien onderzoekresultaten beschikbaar zijn behoeven onderzoeken niet opnieuw uitgevoerd te worden wat kwaliteitverhogend en kostenbesparend kan werken.

Voor het structureel verhogen van de snelheid en doelmatigheid van de zorg van een acute patiënt is het noodzakelijk om de relevante acute gegevens van de patiënt beschikbaar te hebben bij iedere schakel binnen de acute keten. De acute gegevens van de patiënt worden overgedragen tussen de zorgverleners vanaf het moment van de melding, via de huisarts, MKA, ambulance aan de SEH. De acute gegevens kunnen de zorgprofessionals in de keten ondersteunen bij het vaststellen van de diagnose en het bepalen van de meest geschikte behandeling. Na het bezoek van de patiënt op de SEH wordt de huisarts ingelicht met een verslag waarin de vervolgstappen staan gegeven. Door het ontbreken van inzicht in de medische status van de patiënt bij acute situaties vinden onnodig extra onderzoeken en handelingen plaats. Door goede informatie te leveren uit de huisartsen informatiesystemen aan de MKA, ambulance- of SEH-zorgprofessionals kan de zorgverlening van patiënten worden verbeterd.

Processen

De meldkamer (MKA) ontvangt via 112 of van een zorgverlener via een ander telefoonnummer of elektronisch bericht een acute zorgvraag. De centralist of meldkamer neemt de melding aan en registreert de melding in het systeem van de MKA. De meldkamer voert triage uit en bepaalt of ambulancevervoer noodzakelijk is en of een ambulance beschikbaar is. De meldkamer kan hierbij gebruik maken van de professionele samenvatting (condities, medicatieverstrekkingen) die bij de huisarts kan worden opgevraagd. Als een ambulance niet noodzakelijk geacht wordt, kan de meldkamer de patiënt zelfzorg adviseren. Indien ambulancevervoer noodzakelijk is wordt een ambulance toegewezen door de centralist/meldkamer. Een opdracht wordt verstuurd naar de ambulance waarin minimaal de locatie en urgentie worden aangegeven. Aanvullende informatie ontvangen van de aanvrager of door de MKA tijdens triage verkregen kan worden meegestuurd om het ambulancepersoneel vooraf te informeren.

Tijdens de rit naar de patiënt kan de ambulance de professionele samenvatting van de patiënt opvragen bij de huisarts. Zodra de ambulance op locatie aankomt onderzoekt de ambulance de patiënt en begint met zorgverlening aan de patiënt. De ambulance besluit of vervoer van de patiënt noodzakelijk is of dat eerste hulp ter plaatse (EHTP) kan worden geboden.

Indien besloten wordt de patiënt te vervoeren wordt de bestemming bepaald. Afhankelijk van de situatie wordt de bestemming bepaald door de meldkamer, het ambulancepersoneel of de patiënt. De SEH wordt gewaarschuwd dat een patiënt onderweg is door middel van een voorwaarschuwing. Tijdens het vervoeren van de patiënt kan aanvullende informatie over de toestand en eventuele verleende zorg worden verstuurd naar de SEH om deze beter voor te bereiden op de komst van de patiënt. Deze informatie kan in de loop van de rit wijzigingen of aangevuld worden. De SEH wordt van deze wijzigingen op de hoogte gehouden.

Bij aankomst van de patiënt op de SEH wordt de zorg van de patiënt overgedragen aan de SEH. Tevens ontvangt de SEH een laatste update van de gegevens die tijdens de rit zijn verzameld. Indien voor de behandeling noodzakelijk kan de SEH de professionele samenvatting van de patiënt opvragen. Na verlening van de acute zorg kan de patiënt worden ontslagen uit het ziekenhuis of worden overgedragen aan een interne afdeling.

Een patiënt kan zich ook, al dan niet op basis van een verwijzing van de huisarts, zelf melden bij de SEH met een acute zorgvraag. De laatste partij die de patiënt binnen het acute zorgproces behandelt, rapporteert aan de huisarts. De huisarts kan op basis van deze rapportage de zorg aan de patiënt of diens directe omgeving afstemmen.

De huisarts verwerkt een samenvatting van de rapportage in het dossier van de patiënt zodat de relevante informatie uit het acute zorgproces beschikbaar is voor andere zorgverleners.

Profielbeschrijving

Er zijn vier van belang zijnde actoren die een rol spelen bij het SEH proces: 1. Meldkamer (MKA) 2. Spoedeisende hulp (SEH) 3. Ambulance (AMB) 4. Huisarts (HA)

In onderstaande tabel staan de systemen en de use cases die ze kunnen uitvoeren. In de volgende paragrafen worden de use cases besproken.

Tabel Transacties, actoren, omschrijving en optionaliteit
Transacties Actoren Omschrijving Optionaliteit

-Opvragen MKA-PS -Spoedmelding

Meldkamer

Huisarts

-Het opvragen van een professionele samenvatting bij de huisarts -Het doen van een spoedmelding

R

R

-Aanvragen ambulancevervoer

Meldkamer

Ambulance

-Het aanvragen van een ambulance

R

-Sturen MKA-rapportage

Rapportage-ontvanger

Meldkamer

-Rapportage sturen vanuit de Meldkamer die de huisarts ontvangt

R

-Sturen AMB-rapportage (EHTP)

Rapportage-ontvanger

Ambulance

-Rapportage sturen vanuit de Ambulance die de huisarts ontvangt

R

-Sturen SEH-rapportage

Rapportage-ontvanger

Spoedeisende hulp

-Rapportage sturen vanuit de SEH die de huisarts ontvangt

R

-Opvragen AMB-PS

Ambulance

Huisarts

-Het opvragen van een professionele samenvatting bij de huisarts

R

-Uitvoeren ambulancerit

Spoedeisende hulp

Ambulance

-Het sturen van een ambulance

R

-Verwijzing -Opvragen SEH-PS -Verlenen zorg

Spoedeisende hulp

Huisarts

-Het doorverwijzen van een patiënt naar de SEH - Het opvragen van een professionele samenvatting bij de huisarts - Het verlenen van zorg

R

R

R

TRANSACTIES HIER