Identificaties en hun onderlinge relaties

Uit informatiestandaarden
Versie door Mark Dekker (overleg | bijdragen) op 9 sep 2026 om 15:16 (Voorbeeldscenario 2: AIS migreert, daarna migreert EVS)
Ga naar: navigatie, zoeken


Deze pagina is onderdeel van de Implementatiehandleiding Migratie en Hybride waarin de migratie en de hybride situatie tijdens de Kickstart Medicatieoverdracht wordt behandeld.

Voor een overzicht van relevante Wiki-pagina's voor Medicatieproces zie Landingspagina Medicatieproces.

Inhoud

1 Identificatie en hun onderlinge relaties

Tijdens de transitiefase migreren systemen onafhankelijk van elkaar naar MP9. Daardoor kunnen medicatiegegevens die conceptueel tot dezelfde medicamenteuze behandeling (MBH) behoren, onder verschillende MBH-id’s vallen. Daarnaast blijven in deze fase meerdere berichtenstromen naast elkaar bestaan, waaronder EDIFACT, MP6.12 en verschillende versies van MP9. Het toepassen en behouden van identificaties uit deze verschillende berichtenstromen helpt om medicatiegegevens zoveel mogelijk correct te kunnen relateren, consolideren en reconciliëren. Op deze pagina is beschreven welke identificaties helpen om de samenhang tussen medicatiegegevens te herkennen en te behouden. Een systeem moet de identificaties verwerken volgens de betekenis en afspraken die in deze handleiding zijn beschreven.


Leeswijzer

In de eerste hoofdstukken worden de onderwerpen besproken en de bijbehorende afspraken geïntroduceerd. In de volgende hoofdstukken verduidelijken uitgewerkte voorbeelden de toepassing van deze afspraken. Deze pagina is als volgt opgebouwd:

  • De opbouw en betekenis van identificaties en OID-prefixes: paragraaf 1.1
  • Het toewijzen van identificaties tijdens de migratie naar MP9: hoofdstuk 2
  • Het verwerken, interpreteren en behouden van relaties tussen medicatiegegevens in de hybride situatie: hoofdstuk 3
  • Voorbeeldscenario’s van migratie: hoofdstuk 4
  • Voorbeeldscenario’s van de hybride situatie: hoofdstuk 5


In de volgende hoofdstukken zijn tabellen opgenomen. Deze legenda geeft een toelichting op de kolomtitels:

  • Systeem – het systeem of de dienst waaruit de gegevens afkomstig zijn of dat/die de gegevens verwerkt.
  • Gemigreerd – eenmalige aanpassing van een systeem zodat het MP9-datamodel en bijbehorende bouwstenen worden ondersteund.
  • Type informatie – MP9-medicatiebouwsteen of EDIFACT-, MP6.12-bericht waarop de regel betrekking heeft.
  • Data-element – een gestandaardiseerd gegeven binnen de bouwsteen of het bericht.
  • Identificatie – de opbouw van de identificatie van de bouwsteen of het bericht.
  • RelatieMedicatieafspraak en RelatieVerstrekkingsverzoek – de identificatie in een MP9-bouwsteen waarmee een relatie wordt gelegd met een andere bouwsteen of met een object uit een eerdere berichtenstroom.
  • ../directTargetOf/prescription/id – de identificatie in een MP6.12-verstrekking waarmee een relatie wordt gelegd met een MP6.12-vooraankondiging of een Medicatieafspraak.
  • MBH-id – geeft aan welk type MBH-id wordt gebruikt: specifiek of generiek. MBH-id is de identificatie van het technische begrip medicamenteuze behandeling.


In het hele document wordt met MP9 de meest recent gepubliceerde versie bedoeld. Daarnaast wordt in dit document uitgegaan van de meest recente MedMij gegevensdienst voor de uitwisseling van uitsluitend medicatiegegevens.

1.1 Overzicht van identificaties

Bij het relateren van medicatiegegevens geldt dat een expliciete relatie op basis van identificatie voorgaat op een inhoudelijke match, zoals een match op PRK of HPK. Identificaties uit MP6.12- en EDIFACT-berichten moeten daarom bij migratie en in hybride situatie behouden blijven in de daarvoor aangewezen MP9-data-elementen. Dit maakt het mogelijk om bijvoorbeeld een medicatieafspraak (MA) en toedieningsafspraak (TA) na migratie aan elkaar te relateren. Deze paragraaf geeft een overzicht van de identificaties, OID-prefixes en OID-roots die relevant zijn bij de migratie naar MP9 en tijdens de hybride situatie. Er is onderscheid te maken tussen oorspronkelijke identificaties, verrijkte identificaties, gemigreerde MP9-identificaties en identificaties die helpen om medicatiegegevens onderling te relateren.

Onderstaande tabellen beschrijven uitsluitend de betekenis van OID-prefixes en OID-roots, en de wijze waarop systemen met deze prefixes moeten omgaan. De tabel beschrijft niet in welke scenario’s specifieke identificaties in specifieke MP9- of MP6.12-data-elementen worden gevuld. Die toepassing is uitgewerkt in de ’afspraken (hoofdstuk 2 en 3) en voorbeeldscenario’s (hoofdstuk 4 en 5) op deze pagina.

1.1.1 OID-prefixes

Een prefix wordt vóór de OID van de bouwsteen geplaatst. In het kader van migratie- en hybridesituaties rond MP9 zijn de volgende prefixes vastgelegd door Nictiz in het OID-register. Alle leveranciers dienen deze OID-prefixes toe te passen volgens de regels die in dit document beschreven staan.

Een prefix is niet uitsluitend een technisch onderdeel van een OID-root, maar kan betekenis dragen over de herkomst of aard van het object dat geïdentificeerd wordt of waarnaar wordt verwezen. Een prefix kan bijvoorbeeld aangeven dat een identificatie is afgeleid uit een MP6.12- of EDIFACT-bericht, dat de identificatie wordt gebruik in een migratie- of hybride situatie, of dat de identificatie betrekking heeft op een specifieke MP9-bouwsteen of relatie daarnaar.


Prefix / OID Soort Betekenis Opbouwregel Verwerkingsregel voor leveranciers
1.3.6.1.4.1.58606.1.1. Prefix TA Toedieningsafspraak-identificatie. Deze identificatie dient als basis voor samenstelling met het oorspronkelijke identificatiesysteem (root) voor de 6.12 Verstrekking. De prefix wordt vóór de OID-root van de oorspronkelijke identificatie geplaatst. Systemen moeten deze prefix herkennen als betekenisdragend. Met deze prefix kan herkend worden dat de TA een door de transformatiedienst getransformeerde TA betreft.
1.3.6.1.4.1.58606.1.3. Prefix MA vanuit MP9 naar MP6.12 Geeft aan dat de MP6.12-vooraankondiging-id is opgebouwd vanuit een MP9-EVS met daarin een MP9 MA-identificatie. De prefix wordt vóór de OID-root van de MA-identificatie geplaatst. In de extension wordt de MA-id, en indien mogelijk de VV-id gecombineerd, gescheiden door !. NB: Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3. hoort bij een vanuit MP9 opgebouwde identificatie richting MP6.12; prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. hoort bij een gemigreerde identificatie vanuit MP6.12 of EDIFACT.
1.3.6.1.4.1.58606.1.5. Prefix voor MA bij migratie vanuit MP6.12 of EDIFACT of relatie naar MP6.12 of EDIFACT voorschrift. Geeft aan dat de MA-identificatie is gebaseerd op een oorspronkelijke MP6.12-vooraankondiging-id of een verrijkt EDIFACT-id en maakt onderscheid tussen de MA-id en de VV-id bij migratie. Daarnaast maakt de prefix relaties naar een MP6.12 of EDIFACT voorschrift herkenbaar. De prefix wordt vóór de OID-root van de oorspronkelijke identificatie geplaatst: dus vóór de root van de MP6.12-vooraankondiging-id of vóór de vaste root van het verrijkt EDIFACT-id. Leveranciers moeten deze prefix behouden en interpreteren. De prefix wordt gebruikt om onderscheid te maken tussen de MA-id en de corresponderende VV-id. Daarnaast kan op basis van de prefix herkend worden dat een relatie mogelijk naar een MP6.12 of EDIFACT voorschrift relateert.

Tabel 1: Overzicht van de relevante prefixes en een toelichting daarop

1.1.2 Vaste OID-roots

In onderstaande tabel staan de vaste OID-roots die door Nictiz zijn vastgelegd in het OID-register. Alle leveranciers dienen deze OID-roots in voorkomende gevallen toe te passen, volgens de regels die in dit document beschreven staan.

Waarde Betekenis Toelichting
2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1 Vaste OID-root voor verrijkt EDIFACT-id. Edifact MEDREC LIN+3 aangevuld met AGB voorschrijver. Deze root wordt gebruikt om een EDIFACT-id te verrijken, zoals beschreven in de Implementatiehandleiding Migratie en Hybride
2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.2 Vaste OID-root voor generieke identificatie van medicamenteuze behandeling-id (MBH-id) op basis van G standaard PRK. Deze root wordt gebruikt om een generieke MBH te genereren die gebaseerd is op een PRK.
2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.3 Vaste OID-root voor generieke identificatie van medicamenteuze behandeling-id (MBH-id) op basis van G standaard HPK. Deze root wordt gebruikt om een generieke MBH te genereren die gebaseerd is op een HPK. Dit wordt gedaan wanneer de PRK niet bekend is

Tabel 2: Tabel met overzicht en toelichting van de vaste OID-roots

1.1.3 Nota bene

Een systeem moet de volledige identificatie, inclusief OID-root, OID-extension en eventuele prefix, opslaan en bij verdere verwerking beschikbaar houden. Een systeem mag een prefix niet verwijderen, vervangen of normaliseren, tenzij deze handleiding voor die specifieke situatie expliciet voorschrijft dat de oorspronkelijke identificatie uit een afgeleide identificatie moet worden herleid.

2 Migratie

Tijdens de migratie naar MP9 moeten identificaties uit eerdere berichtenstromen (zoals MP6.12 en EDIFACT) correct worden toegewezen aan medicatiegegevens. Dit is nodig om de onderlinge samenhang tussen gegevens te behouden, ook wanneer systemen op verschillende momenten migreren. In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten toegelicht voor het omgaan met bestaande identificaties bij overgang naar MP9.

2.1 Gebruik van MP6.12-vooraankondiging-id bij migratie naar MP9

De volgende afspraken gelden voor het gebruik van de MP6.12-vooraankondiging-id bij het migreren naar MP9.

Een EVS dat migreert:

  • vult bij VV Identificatie de MP6.12-vooraankondiging-id in van het betreffende voorschrift,
  • vult bij MA Identificatie de MP6.12-vooraankondiging-id in van het betreffende voorschrift, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
  • vult bij de VV RelatieMedicatieafspraak de MA Identificatie in zoals hierboven beschreven, inclusief prefix.

De toepassing van de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. bij migratie van het EVS:

  • geeft aan dat het om een gemigreerde MA gaat
  • zorgt voor onderscheid tussen de MA-id en de VV-id


Een AIS dat migreert:

  • vult bij MVE RelatieVerstrekkingsverzoek de identificatie van de MP6.12-vooraankondiging in, die in de verstrekking als relatie is genoemd.
  • vult bij TA RelatieMedicatieafspraak de identificatie van de MP6.12-vooraankondiging in, die in de verstrekking als relatie is genoemd, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
    • aanvullend op het tweede punt: als de MP6.12-vooraankondiging-id een MA-id bevat (omdat de MP6.12-vooraankondiging gebaseerd is op een MA uit een MP9-EVS), dan destilleert het AIS bij migratie het MA-id, exclusief de prefix, uit de MP6.12-vooraankondiging-id en gebruikt die om de TA Relatiemedicatieafspraak te vullen, zonder prefix.

De toepassing van de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. bij migratie van het AIS:

  • geeft aan dat het object waarnaar verwezen wordt mogelijk niet bestaat als MP9-bouwsteen.
Systeem Bouwsteen Data-element Identificatie
EVS Medicatieafspraak MA Identificatie Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id
Verstrekkingsverzoek VV Identificatie MP6.12-vooraankondiging-id
Verstrekkingsverzoek VV RelatieMedicatieafspraak MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id
AIS Toedieningsafspraak TA RelatieMedicatieafspraak MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id die in de verstrekking als relatie is genoemd
Medicatieverstrekking MVE RelatieVerstrekkingsverzoek VV Identificatie = MP6.12-vooraankondiging-id die in de verstrekking als relatie is genoemd

Tabel 3: Gebruik van MP6.12-vooraankondiging-id bij migratie naar MP9

2.2 Gebruik van MP6.12-verstrekking-id bij migratie naar MP9

De volgende afspraak geldt voor het gebruik van de MP6.12-verstrekking-id bij het migreren naar MP9:

  • Een AIS dat migreert, vult bij MVE Identificatie de MP6.12-verstrekking-id in van de betreffende verstrekking.
  • Een AIS dat migreert, vult de TA Identificatie met een eigen id.
Systeem Bouwsteen Data-element Identificatie
AIS Medicatieverstrekking MVE Identificatie MP6.12-verstrekking-id

Tabel 4: MP6.12-verstrekking-id bij migratie naar MP9

2.3 Gebruik van EDIFACT-id aanvraagbericht bij migratie naar MP9

Bij migratie naar MP9 wordt het EDIFACT-id van een EDIFACT-aanvraagbericht verrijkt, zoals beschreven in de Implementatiehandleiding Migratie en Hybride. Hierbij wordt een vaste OID-root gebruikt, die vastgesteld is door Nictiz, namelijk: 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.

De volgende afspraken gelden voor het gebruik van het EDIFACT-id van een aanvraagbericht bij het migreren naar MP9:

Een EVS dat migreert zal het EDIFACT-id van het meest recente aanvraagbericht verrijken en als volgt toepassen in de gemigreerde MA en VV:

  • Bij de VV Identificatie wordt dit verrijkte EDIFACT id ingevuld.
  • Bij de MA Identificatie wordt dit verrijkte EDIFACT id ingevuld, met daarvoor de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
  • Bij de VV RelatieMedicatieafspraak wordt de MA Identificatie ingevuld zoals hierboven beschreven, inclusief prefix.


Een AIS dat migreert zal het EDIFACT-id van het meest recente aanvraagbericht verrijken en als volgt toepassen in de gemigreerde TA en MVE:

  • Bij de MVE RelatieVerstrekkingsverzoek wordt dit verrijkte EDIFACT-id ingevuld.
  • Bij de TA RelatieMedicatieafspraak wordt dit verrijkte EDIFACT-id ingevuld, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
Systeem Bouwsteen Data-element Identificatie
EVS Medicatieafspraak MA Identificatie Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht
Verstrekkingsverzoek VV Identificatie Verrijkt EDIFACT-id
Verstrekkingsverzoek VV RelatieMedicatieafspraak MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht
AIS Toedieningsafspraak TA RelatieMedicatieafspraak MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht dat in de verstrekking als relatie is genoemd
Medicatieverstrekking MVE RelatieVerstrekkingsverzoek Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht dat in de verstrekking als relatie is genoemd

Tabel 5: Gebruik van verrijkt EDIFACT-id van het EDIFACT-aanvraagbericht bij migratie naar MP9

3 Samenhang in de hybride situatie

Gedurende de transitiefase moeten de gemigreerde MP9-systemen eerdere berichtenstromen blijven ondersteunen, zoals MP6.12 en EDIFACT. Om de samenhang tussen medicatiegegevens zoveel mogelijk te behouden, zijn afspraken gemaakt over het toepassen van identificaties tijdens de hybride situatie en het relateren van gegevens binnen de MP9-keten. In dit hoofdstuk wordt toegelicht hoe systemen deze relaties kunnen leggen.

3.1 Relatie met MP6.12-vooraankondiging in hybride situatie

3.1.1 AIS is gemigreerd, EVS nog niet

De volgende afspraken gelden om de relatie tussen een MP9-bouwsteen en een MP6.12-vooraankondiging te leggen in de hybride situatie waarbij het AIS is gemigreerd naar MP9 maar het EVS nog niet. Als het EVS een nieuwe MP6.12-vooraankondiging stuurt:

  • vult het MP9-AIS in de TA relatieMedicatieafspraak de MP6.12-vooraankondiging-id in, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5., om de TA te relateren aan de vooraankondiging van het MP6.12-EVS , waarop de TA is gebaseerd.
  • vult het MP9-AIS in de MVE RelatieVerstrekkingsverzoek de MP6.12-vooraankondiging-id in om de MVE te relateren aan de vooraankondiging van het MP6.12-EVS, waarop de MVE is gebaseerd.
Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging MP6.12-vooraankondiging-id
AIS Ja TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
AIS Ja MVE-1 MVE-id MP6.12-vooraankondiging-id Generiek

Tabel 6: Relatie tussen Medicatieafspraak en Toedieningsafspraak met uitgangspositie een MP6.12-EVS

Als het EVS op een later moment migreert naar MP9:

  • kan de relatie tussen de gemigreerde MA en TA gelegd worden via de MA Identificatie en de TA RelatieMedicatieafspraak. In beide data-elementen staat de MP6.12-vooraankondiging-id, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
  • kan de relatie tussen de gemigreerde VV en de MVE gelegd worden via VV Identificatie en MVE RelatieVerstrekkingsverzoek. In beide data-elementen staat de MP6.12-vooraankondiging-id.

3.1.2 EVS is gemigreerd, AIS nog niet

Een andere hybride situatie is de situatie waarbij het EVS is gemigreerd naar MP9, maar het AIS nog niet.

Wanneer een MP9-EVS een medicatieafspraak en een verstrekkingsverzoek heeft aangemaakt, stuurt deze een MP6.12-vooraankondiging naar een MP6.12-AIS. De MP6.12-Vooraankondiging-id bestaat daarbij uit de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3. plus de oid van de MA, gevolgd door de MA/Identificatie, een ‘!’ en een string om de identificatie uniek te maken. Hiervoor kan bijvoorbeeld VV Identificatie worden gebruikt (zie ook Implementatiehandleiding Migratie en Hybride).

Het MP6.12-AIS neemt de identificatie van de MP6.12-vooraankondiging over in de MP6.12-verstrekking onder ../directTargetOf/prescription/id.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie ../directTargetOf/prescription/id MBH-id
EVS Ja MA-1 MA-1-identificatie Specifiek
EVS Ja MP6.12-vooraankondiging Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3. + MA-1 Identificatie + ! + unieke extensie
AIS Nee MP-6.12-verstrekking MP-6.12-verstrekking-id MP6.12-vooraankondiging-id = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3. + MA-1 Identificatie + ! + unieke extensie

Tabel 7: Relatie tussen Medicatieafspraak en MP6.12-verstrekking in de hybride situatie

3.2 Relatie van MGB met MP6.12-verstrekking in hybride situatie

Bij medicatieverificatie op basis van MP6.12-verstrekkingen zijn twee situaties mogelijk:

  • De transformatiedienst vertaalt de MP6.12-verstrekking naar een TA (zie paragraaf 3.2.1)
  • Of het MP9-XIS of baseert zich op de oorspronkelijke MP6.12-verstrekking (paragraaf 3.2.2)

3.2.1 Medicatieverificatie op basis van naar MP9-TA getransformeerde MP6.12-verstrekkingen

Als een MP6.12-AIS een verstrekkingenlijst beschikbaar stelt en een MP9-XIS of-PGO de MP9-medicatiegegevens raadpleegt, vertaalt de transformatiedienst die verstrekkingenlijst naar een MP9-TA. Het XIS of PGO kan hierop een MGB vastleggen tijdens medicatieverificatie.

De volgende afspraken gelden om de relatie tussen een MP9-MGB en een MP6.12-verstrekking te leggen:

  • De TA Identificatie wordt door de transformatiedienst gevuld met de MP6.12-verstrekking-id, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1.
  • Een MP9 -XIS of MP9 PGO dat een MGB vastlegt op basis van de door de transformatiedienst gemigreerde TA, vult in de MGB RelatieToedieningsafspraak de TA-id in, dat is in dit geval de MP6.12-verstrekking-id voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1.

Op deze manier kan de relatie worden gelegd tussen de door de transformatiedienst gemigreerde TA en de MGB.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie RelatieMedicatieafspraak RelatieToedieningsafspraak MBH-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id
Transformatiedienst TA-1 (getransformeerd) Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1. + MP6.12-verstrekking-id  Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
XIS/PGO Nee MGB MGB-id TA-id = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1. + MP6.12-verstrekking-id  Generiek/Specifiek

Tabel 8: Medicatiegebruik vastleggen op basis van een naar MP9-TA getransformeerde MP6.12-verstrekking. Afhankelijk van het XIS wordt de MGB in een generieke of specifieke MBH vastgelegd, zie Implementatiehandleiding Migratie en Hybride.

NB: De TA RelatieMedicatieafspraak wordt gevuld met de MP6.12-vooraankondiging-id die in de verstrekking is genoemd, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5., zoals beschreven in 3.1.

3.2.2 Medicatieverificatie met niet-vertaalde MP6.12-verstrekkingen

Als een MP6.12-AIS een verstrekkingenlijst beschikbaar stelt kan een MP9-XIS ervoor kiezen de oorspronkelijke MP6.12-verstrekkingenlijst te raadplegen. Het MP9-XIS kan hierop een MGB vastleggen tijdens medicatieverificatie.

De volgende afspraak geldt om de relatie tussen een MP9-MGB en een MP6.12-verstrekking te leggen:

  • Een MP9-XIS dat een MGB vastlegt op basis van de oorspronkelijke MP6.12-verstrekking, vult in de MGB RelatieMedicatieverstrekking de MP6.12-verstrekking-id in.
Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie RelatieMedicatieverstrekking MBH-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id
XIS Ja MGB MGB-id MP6.12-verstrekking-id  Generiek/Specifiek

Tabel 9: Medicatiegebruik vastleggen op basis van een niet-vertaalde MP6.12-verstrekking. Afhankelijk van het XIS wordt de MGB in een generieke of specifieke MBH vastgelegd, zie Implementatiehandleiding Migratie en Hybride.

3.3 Relatie met EDIFACT-aanvraagbericht in MP9

3.3.1 Een MP9-XIS of MP9-PGO raadpleegt een MP6.12-verstrekking, die is gebaseerd op een Edifact-aanvraagbericht

Als een MP6.12-AIS een verstrekking heeft gedaan op basis van een EDIFACT-aanvraagbericht en die beschikbaar stelt, wordt het EDIFACT-id verrijkt, zoals beschreven in de Implementatiehandleiding Migratie en Hybride. Hierbij hoort een vaste OID-root, namelijk: 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1. Dit verrijkte EDIFACT-id komt terecht in de verstrekking bij ../directTargetOf/prescription/id.

Wanneer een MP9-XIS of -PGO de MP9-medicatiegegevens raadpleegt en de MP6.12-verstrekking wordt vertaald naar een MP9-TA, komt dit verrijkte EDIFACT-id in de TA RelatieMedicatieafspraak terecht, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie ../directTargetOf/prescription/id/ RelatieMedicatieAfspraak MBH-id
EVS Nee EDIFACT-aanvraagbericht  EDIFACT-aanvraagbericht-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id Verrijkt EDIFACT-id
Transformatiedienst TA-1 (getransformeerd) TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + Verrijkt EDIFACT-id   Generiek

Tabel 10: Relatie tussen getransformeerde Toedieningsafspraak en het EDIFACT-aanvraagbericht

Als het EVS op een later moment migreert naar MP9:

  • kan de relatie tussen de gemigreerde MA en de getransformeerde TA worden gelegd via MA Identifiatie en de TA RelatieMedicatieafspraak. In beide data-elementen staat het verrijkte EDIFACT-id , voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
  • kan de relatie tussen de gemigreerde VV en de getransformeerde MVE worden gelegd via VV Identifiatie en de MVE RelatieVerstrekkingsverzoek. In beide data-elementen staat het verrijkte EDIFACT-id.

3.3.2 MP9-systeem maakt TA en MVE op basis van een EDIFACT-aanvraagbericht

De volgende afspraken gelden om de relatie tussen een MP9-bouwsteen en EDIFACT-aanvraagbericht te leggen, in de hybride situatie waarbij het AIS is gemigreerd naar MP9, maar het EVS nog niet. Als het EVS een nieuw EDIFACT-aanvraagbericht stuurt:

  • Vult het MP9-AIS in de TA RelatieMedicatieafspraak de het verrijkte EDIFACT-id in, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5., om de TA te relateren aan het EDIFACT-aanvraagbericht, waarop de TA is gebaseerd.
  • Vult het MP9-AIS in de MVE RelatieVerstrekkingsverzoek het verrijkte EDIFACT-id in, om de MVE te relateren aan het EDIFACT-aanvraagbericht, waarop de MVE is gebaseerd.
Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie ../directTargetOf/prescription/id/ RelatieMedicatieAfspraak MBH-id
EVS Nee EDIFACT-aanvraagbericht  EDIFACT-id
AIS Ja TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht Generiek
AIS Ja MVE-1 MVE-id Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht Generiek

Tabel 11: Relatie van Toedieningsafspraak en Medicatieverstrekking met het EDIFACT-aanvraagbericht in de hybride situatie.

Als het EVS op een later moment migreert naar MP9:

  • Kan de relatie tussen de gemigreerde MA en TA gelegd worden via de MA Identificatie en de TA RelatieMedicatieafspraak. In beide data-elementen staat het verrijkte EDIFACT-id, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.
  • Kan de relatie tussen de gemigreerde VV en de MVE gelegd worden via VV Identificatie en MVE RelatieVerstrekkingsverzoek. In beide data-elementen staat het verrijkte EDIFACT-id.

4 Migratie voorbeeldscenario’s

Voor de onderstaande voorbeeldscenario’s geldt dat het de migratie betreft van MP6.12-berichtenstroom naar MP9. In alle voorbeeldscenario’s is er steeds sprake van één EVS en één AIS.

4.1 Voorbeeldscenario 1: EVS migreert, daarna migreert AIS

Voor een patiënt met hypertensie is hydrochloorthiazide 25 mg 1dd1 voorgeschreven. De voorschrijver heeft dit voorschrift verzonden via een MP6.12-vooraankondiging. De apotheek heeft de medicatie inmiddels aan de patiënt verstrekt.

In dit scenario migreert het EVS als eerste naar MP9. Terwijl het AIS nog niet is gemigreerd. Vanaf dat moment kan het EVS het voorschrift uitwisselen in de vorm van een MA en VV. Deze bouwstenen krijgen een specifieke MBH-id. Zoals beschreven in paragraaf 2.1 wordt de MA/Identificatie gevuld met de identificatie van de meest recente MP6.12-vooraankondiging, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Vervolgens migreert het AIS naar MP9. Tijdens deze migratie worden de bestaande medicatiegegevens omgezet naar een TA en MVE. Deze bouwstenen krijgen een generieke MBH-id. De TA RelatieMedicatieafspraak bevat de identificatie van de MP6.12-vooraankondiging, eveneens voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Doordat MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak beide dezelfde identificatie van de MP6.12-vooraankondiging bevatten, kunnen de systemen de MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging MP6.12-vooraankondiging-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente MP6.12-vooraankondiging-id Specifiek
EVS Ja VV-1 MP6.12-vooraankondiging-id MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Specifiek
AIS Ja TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
AIS Ja MVE-1 MP6.12-verstrekking-id MP6.12-vooraankondiging-id Generiek

Tabel 11: EVS migreert, daarna migreert AIS

4.2 Voorbeeldscenario 2: AIS migreert, daarna migreert EVS

Dit scenario heeft dezelfde uitgangssituatie als voorbeeldscenario 1, maar de migratie vindt in een andere volgorde plaats. Het AIS migreert als eerste naar MP9. Op een later moment migreert ook het EVS naar MP9.

Doordat MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak beide dezelfde identificatie van de MP6.12-vooraankondiging bevatten, kunnen de systemen de MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen Identificatie RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging MP6.12-vooraankondiging-id
AIS Ja TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
AIS Ja MVE-1 MP6.12-verstrekking-id MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente MP6.12-vooraankondiging-id Specifiek
EVS Ja VV-1 MP6.12-vooraankondiging-id MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente MP6.12-vooraankondiging-id Specifiek

Tabel 12: AIS migreert, daarna migreert EVS

4.3 Voorbeeldscenario 3: AIS gemigreerd, wijziging TA. Daarna migratie EVS

Voor een patiënt met hypertensie is hydrochloorthiazide 25 mg 1dd1 voorgeschreven. De voorschrijver heeft dit voorschrift verzonden via een MP6.12-vooraankondiging. De apotheek heeft de medicatie inmiddels aan de patiënt verstrekt.

In dit scenario migreert het AIS als eerste naar MP9, terwijl het EVS nog niet is gemigreerd. Vanaf dat moment kan het AIS de medicatieverstrekking uitwisselen in de vorm van een TA en MVE. Deze bouwstenen krijgen een generieke MBH-id. TA RelatieMedicatieafspraak bevat de identificatie van de MP6.12-vooraankondiging waarop de TA is gebaseerd, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Vervolgens ontvangt het AIS een nieuwe MP6.12-vooraankondiging van het EVS met daarin een gewijzigde dosering van de hydrochloorthiazide. Dit heeft tot gevolg dat de TA wijzigt. De apotheker verstrekt vervolgens opnieuw de medicatie, waardoor ook een nieuwe MVE ontstaat. TA RelatieMedicatieafspraak van de gewijzigde TA bevat de identificatie van de nieuwe MP6.12-vooraankondiging, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5, (zie paragraaf 3.1.1).

Vervolgens migreert het EVS naar MP9. Tijdens de migratie worden de bestaande medicatiegegevens omgezet naar een MA en VV. Deze bouwstenen krijgen een specifieke MBH-id. MA identificatie wordt gevuld met de identificatie van de meest recente MP6.12-vooraankondiging-id van het betreffende voorschrift, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. 

Doordat MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak beide dezelfde identificatie van de MP6.12-vooraankondiging bevatten, kunnen de systemen de MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging-1 MP6.12-vooraankondiging-id-1
AIS Ja TA-1 TA-1-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Generiek
AIS Ja MVE-1 MP6.12-verstrekking-id MP6.12-vooraankondiging-id-1 Generiek
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging-2 MP6.12-vooraankondiging-id-2
AIS Nee TA-2 TA-2-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-2 Generiek
AIS Nee MVE-2 MVE-id MP6.12-vooraankondiging-id-2 Generiek
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Specifiek
EVS Ja MA-2 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-2 Specifiek
EVS Ja VV-1 MP6.12-vooraankondiging-id-1 MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Specifiek
EVS Ja VV-2 MP6.12-vooraankondiging-id-2 MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-2 Specifiek

Tabel 13: AIS gemigreerd, wijziging TA. Daarna migreert EVS

4.4 Voorbeeldscenario 4: EVS gemigreerd, wijziging MA. Daarna migratie AIS

Voor een patiënt met hypertensie is hydrochloorthiazide 25 mg 1dd1 voorgeschreven. De voorschrijver heeft dit voorschrift verzonden via een MP6.12-vooraankondiging. De apotheek heeft de medicatie inmiddels aan de patiënt verstrekt.

In dit scenario migreert het EVS als eerste naar MP9, terwijl het AIS nog niet is gemigreerd. Vanaf dat moment kan het EVS het voorschrift uitwisselen in de vorm van een MA en VV. Deze bouwstenen krijgen een specifieke MBH-id. Zoals beschreven in paragraaf 2.1 wordt MA Identificatie gevuld met de identificatie van de meest recente MP6.12-vooraankondiging, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Vervolgens wordt de MA in het naar MP9 gemigreerde EVS gewijzigd. Hierdoor krijgt de nieuwe MA Identificatie een nieuwe identificatie, die niet is gebaseerd op een MP6.12-vooraankondiging. Het EVS stuurt vervolgens een nieuwe MP6.12-vooraankondiging naar het AIS. De MP6.12-Vooraankondiging-id bestaat daarbij uit de MA Identificatie, voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3., gevolgd door een ‘!’ en een string om de identificatie uniek te maken. Hiervoor kan bijvoorbeeld VV Identificatie worden gebruikt (zie ook Implementatiehandleiding Migratie en Hybride).

Daarna migreert het AIS naar MP9. Tijdens deze migratie worden de bestaande medicatiegegevens omgezet naar een TA en MVE. Deze bouwstenen krijgen een generieke MBH-id. Tijdens de migratie destilleert het AIS de MA Identificatie uit de MP6.12-Vooraankondiging-id en gebruikt die om de TA RelatieMedicatieafspraak te vullen, zonder prefix.

Doordat de nieuwe MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak naar dezelfde identificatie verwijzen, kunnen systemen MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging-1 MP6.12-vooraankondiging-id-1
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Specifiek
EVS Ja VV-1 MP6.12-vooraankondiging-id-1 MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Specifiek
EVS Nee MA-2 MA-2 Identificatie Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id-1 Specifiek
EVS Nee MP6.12-vooraankondiging-2 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.3. + MA-2 Identificatie + ! + unieke extensie
EVS Nee VV-2 VV Identificatie MA-2 Identificatie Specifiek
AIS Ja TA-1 TA-1 Identificatie MA-2 Identificatie Generiek
AIS Ja MVE-1 MP6.12-verstrekking-id MP6.12-vooraankondiging-id Generiek

Tabel 14: EVS gemigreerd, wijziging MA. Daarna migratie AIS

4.5 Voorbeeldscenario 5: EDIFACT-aanvraagbericht vanuit EVS, AIS gemigreerd. Daarna migratie EVS

Een patiënt met koorts krijgt een voorschrift voor paracetamol 500 mg 4dd1. In dit scenario is het AIS al gemigreerd naar MP9, terwijl het EVS nog niet is gemigreerd. Het EVS stuurt een EDIFACT-aanvraagbericht naar het AIS.

Het AIS ontvangt het EDIFACT-aanvraagbericht en de apotheker verstrekt de medicatie. Het AIS legt de medicatiegegevens vervolgens vast in de vorm van een TA met een generieke MBH-id. De TA RelatieMedicatieafspraak bevat het verrijkte EDIFACT-id (die begint met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1), voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Vervolgens migreert het EVS naar MP9. Tijdens deze migratie worden de bestaande medicatiegegevens omgezet naar een MA en VV. Deze bouwstenen krijgen een specifieke MBH-id. De MA Identificatie bevat het verrijkte EDIFACT-id (die begint met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1), voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Doordat MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak hetzelfde verrijkte EDIFACT-id bevatten, kunnen de systemen de MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee EDIFACT-aanvraagbericht EDIFACT-aanvraagbericht-id
AIS Nee TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + verrijkt EDIFACT-id (met OID-root) Generiek
AIS Nee MVE-1 MVE-id Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht Generiek
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente verrijkt EDIFACT-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) Specifiek
EVS Ja VV-1 Verrijkt EDIFACT-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente verrijkte EDIFACT-Receptaanvraag-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) Specifiek

Tabel 15: EVS en AIS gemigreerd met uitgangspositie een EDIFACT-aanvraagbericht

4.6 Voorbeeldscenario 6: EDIFACT-aanvraagbericht vanuit EVS, EVS gemigreerd. Daarna migratie AIS

Een patiënt met koorts heeft een voorschrift voor paracetamol 500 mg 4dd1 gekregen. De voorschrijver heeft dit voorschrift verzonden via een EDIFACT-aanvraagbericht.

Vervolgens migreert het EVS in dit scenario als eerste naar MP9, terwijl het AIS nog niet is gemigreerd. Vanaf dat moment kan het EVS het voorschrift uitwisselen in de vorm van een MA en VV. Deze bouwstenen krijgen een specifieke MBH-id. De MA Identificatie bevat het verrijkte EDIFACT-id (die begint met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.), voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Enige tijd later migreert het AIS naar MP9. Tijdens deze migratie worden de bestaande medicatiegegevens omgezet naar een TA en MVE. Deze bouwstenen krijgen een generieke MBH-id. De TA RelatieMedicatieafspraak bevat het verrijkte EDIFACT-id van het aanvraagbericht (die begint met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.), voorafgegaan door de prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5.

Doordat MA Identificatie en TA RelatieMedicatieafspraak hetzelfde verrijkte EDIFACT-id bevatten, kunnen de systemen de MA en TA aan elkaar relateren.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieafspraak RelatieVerstrekkingsverzoek MBH-id
EVS Nee EDIFACT-aanvraagbericht EDIFACT-aanvraagbericht-id
EVS Ja MA-1 Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente verrijkt EDIFACT-id (met OID-root) Specifiek
EVS Ja VV-1 Verrijkt EDIFACT-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) MA Identificatie = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + meest recente verrijkte EDIFACT-Receptaanvraag-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) Specifiek
AIS Ja TA-1 TA-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + verrijkt EDIFACT-id (met OID-root 2.16.840.1.113883.2.4.3.11.61.1.) Generiek
AIS Ja MVE MVE-id Verrijkt EDIFACT-id van aanvraagbericht Generiek

Tabel 16: EVS en AIS gemigreerd met uitgangspositie een EDIFACT-aanvraagbericht

5 Hybride voorbeeldscenario’s

5.1 Voorbeeldscenario 7: AIS en EVS gemigreerd. AIS stelt MP6.12-verstrekking beschikbaar

Een EVS en een AIS zijn beide gemigreerd naar MP9. Na de migratie krijgt een patiënt met astma flixotide 100 µg 2dd1 voorgeschreven. De apotheek verstrekt deze medicatie aan de patiënt, op basis van de MA en de VV van het EVS.

Naast een TA en een MVE stelt het AIS ook een MP6.12-verstrekking beschikbaar. Het MA-id van de MA waarop de verstrekking is gebaseerd, wordt bij de MP6.12-verstrekking gebruikt in ../directTargetOf/prescription/id.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id TARelatieMedicatieafspraak MBH-id
EVS Nee MA-1 MA-1-id Specifiek
AIS Nee TA-1 TA-id MA-1-id Specifiek
AIS Nee MP-6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id MA-1-id

Tabel 17: AIS en EVS gemigreerd. AIS stelt MP6.12-verstrekking beschikbaar

5.2 Voorbeeldscenario 8: Vastleggen van MGB in EVS bij medicatieverificatie, vertaalde MP6.12-verstrekking geraadpleegd

Een patiënt met koorts heeft een voorschrift voor paracetamol 500 mg 4dd1gekregen. Het EVS-A verstuurt een vooraankondiging naar het AIS dat nog niet over is op MP9. De apotheek verstrekt de medicatie en stelt een MP6.12-verstrekkingenlijst beschikbaar.

De patiënt heeft een afspraak bij de specialist (MP9-EVS-B), waar medicatieverificatie plaatsvindt. EVS-B raadpleegt de medicatiegegevens van de patiënt . Hierbij krijgt het EVS-B de vertaalde MP6.12-verstrekking binnen als MP9-TA (getransformeerd). De MP6.12-vooraankondiging wordt niet met EVS-B gedeeld. De patiënt bevestigt het medicatiegebruik, en EVS-B legt dit vast als MGB met een specifieke MBH-id. In de MGB RelatieToedieningsafspraak komt de TA-identificatie te staan van de vertaalde MP6.12-verstrekking, inclusief de prefix die bij de transformatie is meegegeven.

Doordat de MGB RelatieToedieningsafspraak en de TA Identificatie dezelfde identificatie bevatten, kunnen systemen een relatie leggen tussen de MGB en vertaalde TA.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieAfspraak of RelatieToedieningsafspraak MBH-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id
Transformatiedienst Nee TA-1 (getransformeerd) Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1. + MP6.12-verstrekking-id Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.5. + MP6.12-vooraankondiging-id Generiek
EVS Nee MGB MGB-id TA-id = Prefix 1.3.6.1.4.1.58606.1.1. + MP6.12-verstrekking-id  Specifiek

Tabel 18: Vastleggen van MGB in EVS bij medicatieverificatie, vertaalde MP6.12-verstrekking geraadpleegd

5.3 Voorbeeldscenario 9: Vastleggen van MGB in EVS bij medicatieverificatie, MP6.12-verstrekking geraadpleegd

Een patiënt met koorts heeft een voorschrift voor paracetamol 500 mg 4dd1gekregen. Het EVS-A verstuurt een vooraankondiging naar het AIS dat nog niet over is op MP9. De apotheek verstrekt de medicatie en stelt een MP6.12-verstrekkingenlijst beschikbaar.

De patiënt heeft een afspraak bij de specialist (MP9-EVS-B), waar medicatieverificatie plaatsvindt. EVS-B raadpleegt de medicatiegegevens van de patiënt en raadpleegt expliciet de oorspronkelijke MP6.12-verstrekkingen. De MP6.12-vooraankondiging wordt niet met EVS-B gedeeld. De patiënt bevestigt het medicatiegebruik, en EVS-B legt dit vast als MGB met een specifieke MBH-id. In de MGB RelatieMedicatieverstrekking komt de MP6.12-verstrekking-id te staan.

Doordat de MGB RelatieMedicatieverstrekking en de MP6.12-verstrekking-id dezelfde identificatie bevatten, kunnen systemen een relatie leggen tussen de MGB en de MP6.12-verstrekking.

Systeem Gemigreerd Bouwsteen id RelatieMedicatieverstrekking MBH-id
AIS Nee MP6.12-verstrekking MP6.12-verstrekking-id
EVS Nee MGB MGB-id MP6.12-verstrekking-id Specifiek

Tabel 19: Vastleggen van MGB in EVS bij medicatieverificatie, MP6.12-verstrekking geraadpleegd