Praktijkvoorbeelden gebruiken
|
Deze pagina betreft een demo |
|
Aan deze pagina wordt momenteel gewerkt. |
Inhoud
1 Stoppen van medicatie zonder medicatieafspraak
Een patiënt heeft tijdens zijn vakantie op 13 juli diclofenac voorgeschreven gekregen tegen rugpijn en heeft daarvoor in zijn PGO een MGB vastgelegd. Aangezien er geen digitale MA bestaat is de MBH gestart met deze MGB. Na thuiskomst gaat hij op 28 juli naar de huisarts omdat hij niet weet hoelang hij dit middel mag blijven gebruiken. In overleg wordt besloten de diclofenac te stoppen. De huisarts maakt een stop-MA aan onder de MBH die met de MGB is gestart.
2 Samenvoegen bouwstenen onder één medicamenteuze behandeling
De huisarts heeft aan een patiënt escitalopram voorgeschreven vanwege een angststoornis.
- MA: escitalopram tablet 40 mg, 1x daags 1 tablet
De patiënt heeft geen toestemming gegeven voor het beschikbaar stellen van zijn medicatiegegevens. Als hij in zijn PGO zijn medicatiegebruik gaat vastleggen beschikt hij dus niet over de MA. Daardoor wordt de MGB in een nieuwe MBH vastgelegd.
Na enige tijd vertelt de patiënt aan de huisarts dat hij nu toch instemt met het beschikbaar stellen van zijn medicatiegegevens. Hij heeft ook zijn PGO opengesteld voor raadpleging. De huisarts ziet nu dat er in 2 verschillende MBH's bouwstenen bestaan voor propranolol.
De MGB van de patiënt is later vastgelegd dan de MA en heeft hetzelfde type MBH-id. Volgens de afspraken in de implementatiehandleiding migratie en hybride zou daarom de MBH van de huisarts gesloten moeten worden. Het EVS stelt dit ook aan de huisarts voor. De huisarts besluit echter de eigen MA te handhaven en de MBH van de patiënt te sluiten.
3 Aparte MTD’s vastleggen per PrikPlakLocatie
Een patiënt krijgt iedere avond 50 eenheden langwerkende insuline glargine toegediend door een thuiszorgmedewerker. Vanwege het hoge aantal eenheden moet dit in twee giften van 25 eenheden toegediend worden. De verstrekker vermeldt dit in het data-element Toelichting in de TA.
De zorgmedewerker dient eerst 25E toe met PrikPlakLocatie ‘linkerbovenbeen’ en vervolgens 25E met PrikPlakLocatie ‘rechterbovenbeen’ en MedicatietoedieningRedenVanAfwijken ‘2 toedieningen ivm 50 eenheden’. Omdat in een MTD maar 1 PrikPlakLocatie kan worden vastgelegd zijn hiervoor 2 MTD’s nodig.
![]()
4 Verlagen dosering op initiatief patiënt
Een patiënt heeft propranolol voorgeschreven gekregen. De patiënt slaapt er erg slecht door, en heeft de medicatie geminderd. De patiënt legt een MGB vast met de gewijzigde dosering en de datum vanaf wanneer deze verlaagde dosis wordt genomen in startDatumTijd. Daarbij geeft de patiënt als reden aan dat dit vanwege een bijwerking is, in RedenWijzigenOfStoppenGebruik. In de Toelichting vult hij aan dat de bijwerking slapeloosheid betreft. Hij geeft aan dat het gebruik niet volgens afspraak is, wat resulteert in ‘nee’ in data-element VolgensAfspraakIndicator.
![]()
5 Stoppen medicatie op initiatief patiënt
Sinds hij propranolol gebruikt heeft een patiënt last van slapeloosheid. Op 13 augustus besluit hij te stoppen zonder de voorschrijvend arts te informeren. De patiënt legt in MedicatiegebruikStopType 'stopgezet' vast en noteert in de startDatumTijd per wanneer hij gestopt is.
In RedenWijzigenOfStoppenGebruik legt hij 'ongewenste reactie op medicatie en/of drugs' vast. In de Toelichting vult hij aan dat de bijwerking slapeloosheid betreft. Hij zet de VolgensAfspraakIndicator op 'nee'. Dit laat zien dat hij op eigen initiatief is gestopt met de medicatie.