CMET's aan PCP

Uit informatiestandaarden
Ga naar: navigatie, zoeken

Dit materiaal is onderdeel van HL7v3-domein Primary Care V6.10.0.0_HL7v3-domeinspecificatie_Primary_Care.
  • Compatible wijzigingen/nadere bewoordingen, tikfouten kunnen direct in de Wiki gewijzigd worden
  • Open issues die discussie vergen s.v.p. in de commentaarsectie opnemen.

CMET's aan PCP

Sommige data-elementen kunnen op verschillende plaatsen een rol spelen en worden dan als herbruikbaar blokje (CMET) in het D-MIM opgenomen. Zo kan een diagnosecode worden gebruikt in een diagnoseregel binnen het contact, maar ook in de definitie van een probleem- of episodeontwikkeling of in een conditie.

De volgende CMET's zijn in het model aan PCP opgenomen:

  • A_Diagnosis: diagnose
  • A_ContraIndication en A_ObservationIntolerance: worden gebruikt voor het vastleggen van condities (allergie en overgevoeligheid).
  • R_AssignedPerson/R_AssignedPersonNL: beschrijving van een persoon in zijn rol als zorgmedewerker. Als author de verantwoordelijke persoon, als dataEnterer de registrerende persoon, als performer de uitvoerende persoon.
  • R_AssignedEntityNL_PO: wordt gebruikt om zorgverleners, medewerkers en derden (personen of organisaties) te beschrijven. Als author is dit de vaste huisarts die verantwoordelijk is voor het beheer van het dossier.
  • R_PatientNL: wordt gebruikt voor het vastleggen van administratieve patiëntgegevens; speelt de rol van de patiënt.


Patiëntkoppeling

Veel CMET's bevatten een verwijzing naar de patiënt waarop het gegeven betrekking heeft (bijv. de persoon waarvan een familieanamnese is bepaald). Deze patiënt is bij het gebruik van deze CMET's binnen het huisartsdossier echter niet gevuld, omdat deze wordt bepaald door de patiënt die aan de focal class (PrimaryCareProvision) hangt. Impliciet wordt ervan uitgegaan dat alle CMET's betrekking hebben op deze zelfde patiënt.


Persoon- en organisatiekoppeling

Wat betreft de rollen van personen en organisaties, heeft het PRICA-model (D-MIM inclusief de bijbehorende CMET's) alleen de author, custodian, dataEnterer en performer nodig. De author is degene die (inhouds)verantwoordelijkheid draagt voor de betreffende medische gebeurtenis. De dataEnterer is degene die de medische gebeurtenis heeft geregistreerd. De performer (uitvoerende) van een medische gebeurtenis in een eerstelijnsdossier is bijna altijd de auteur. Omdat de verwijzingen vanuit PCP en de CMET A_CareStatement ook naar organisaties of instrumenten kunnen gaan, wordt hier de Assigned_Entity gebruikt. In alle andere gevallen wordt Assigned_Person gebruikt om de geldende restricties zoveel mogelijk modelmatig vast te leggen. In de AssignedPerson kan desgewenst worden meegegeven namens welke organisatie de persoon handelt. Om onderscheid te kunnen maken tussen inhoudsverantwoordelijkheid en beheerverantwoordelijkheid is de participatie custodian in het model opgenomen. Een custodian kan aan een PrimaryCareProvision en aan een Encounter worden gekoppeld. Voor het proces van de waarneming is de custodian koppeling aan Encounter van belang. Als een waarneemcontact in het dossier van de vaste huisarts wordt opgenomen dan blijft de waarnemer de author van dat contact. De vaste huisarts kan dan als custodian aan de Encounter worden toegevoegd om expliciet te maken dat de vaste huisarts de beheerverantwoordelijkheid overneemt. De custodian participatie op PrimaryCareProvision niveau kan worden gebruikt om, indien dit van toepassing is, onderscheid te maken tussen inhoudsverantwoordelijkheid en beheerverantwoordelijkheid. Dit komt met name voor bij groepspraktijken waar de organisatie als beheerverantwoordelijke optreedt.

Dit betekent niet dat in elk bericht altijd alle personen en organisaties worden verstuurd. Als algemene regel geldt dat alleen die personen en/of organisatie worden meegestuurd die van belang zijn voor de meegestuurde medische inhoud en als zodanig in het bronsysteem zijn vastgelegd.